Manifest maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken

In dit manifest heeft de maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken de belangrijkste problemen geïdentificeerd en dragen we oplossingen aan. Onze leden onderschrijven dit manifest en werken in overeenstemming met de uitgangspunten en doelen van de coalitie. 

Manifest in uitgeschreven tekst

November 2022

Informatie is van levensbelang In onze huidige digitale samenleving draait vrijwel alles om informatie. De afgelopen decennia is er een disbalans ontstaan in de toegang tot informatie; tussen overheden en bedrijven enerzijds en burgers anderzijds. Dit kwam tot uitdrukking in menselijke drama’s, zoals bij de slachtoffers van de toeslagenaffaire. Het gevolg is een groeiend wantrouwen tussen overheid, bedrijven en burgers. Om het vertrouwen tussen burger, overheid en bedrijfsleven te herstellen, willen we ons gezamenlijk ervoor inzetten dat de onderlinge informatievoorziening duurzaam toegankelijk en open wordt en de menselijke maat leidend wordt.

Informatierelatie versterken

De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken heeft als ambitie om de informatierelatie tussen overheid, markt en burger te herstellen en te versterken. Informatie moet niet alleen beschikbaar, betrouwbaar en begrijpelijk zijn, maar ook vindbaar en toegankelijk. Voor iedereen die daar recht op heeft. De basis voor een goede informatievoorziening is de informatiehuishouding. Daarvoor zijn nieuwe afspraken nodig: wat mogen overheden, organisaties en burgers van elkaar verwachten en hoe kunnen we beter samenwerken? Hoe stellen we de menselijke maat centraal in het werken aan de informatiehuishouding?

De antwoorden op die vragen worden vaak gezocht in technische oplossingen. Die eenzijdige aandacht voor technologie komt niet uit de lucht vallen. Eind vorige eeuw geloofden we er immers heilig in: de ontwikkelingen op het gebied van digitalisering zouden leiden tot een democratische samenleving waarin burgers en overheden eendrachtig bouwen aan een gezamenlijke toekomst. Zeker, er is op onderdelen betekenisvolle vooruitgang geboekt. Burgers kunnen op afstand een paspoort of rijbewijs aanvragen; er zijn ontelbaar meer data beschikbaar voor de ontwikkeling van beleid; en via websites als rijksoverheid.nl is er veel meer overheidsinformatie beschikbaar gekomen.

Maar dertig jaar na de geboorte van het internet zijn de problemen in de communicatie tussen overheid en burger er niet bepaald minder op geworden. Integendeel: door onvoldoende aandacht voor negatieve effecten van snelle technologische ontwikkeling konden er ook nieuwe problemen ontstaan. De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken heeft de belangrijkste van die problemen geïdentificeerd en draagt oplossingen aan.

“Wij willen het vertrouwen tussen burgers en overheid herstellen. Dat zal alleen gaan als de overheid betrouwbaar is, vertrouwen heeft in burgers en oog heeft voor de menselijke maat. “
Uit het coalitieakkoord 2021-2025

7 zorgen
 

  1. De menselijke maat is zoek
    Besluitvorming wordt in toenemende mate gestuurd door algoritmes wat soms leidt tot discriminatie of uitsluiting. Het is een bestuurlijke beslissing dat deze algoritmes worden toegepast. Ambtenaren hebben onvoldoende ruimte om maatwerk te bieden. De toeslagenaffaire liet zien dat daarmee de grond onder het bestaan van tienduizenden gezinnen werd weggeslagen: ‘computer says no’. Om gebruik te maken van rechten en inzicht te krijgen in het handelen van de overheid hebben burgers steeds complexere digitale vaardigheden nodig. Een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking heeft deze vaardigheden niet.
     
  2. Informatie-asymmetrie
    De overheid beschikt over veel informatie over het doen en laten van burgers. Andersom hebben diezelfde burgers nauwelijks zicht op welke gegevens over hen worden bijgehouden en waar deze voor worden gebruikt. Data komen terecht in uiteenlopende overheidsdatabases, waardoor een fout soms nauwelijks meer te herstellen is; burgers belanden dan in een ‘digitale kooi’. Tegelijkertijd hebben burgers soms ook te hoge verwachtingen van de overheid, bijvoorbeeld dat alle overheidsinformatie met een druk op de knop geleverd kan worden.
     
  3. Achterblijvende informatierechten
    Op het gebied van informatierechten zijn we ongeveer even ver als de sociale rechten van arbeiders aan het einde van de 19 e eeuw. Betere afspraken over wat we in redelijkheid van elkaar mogen verwachten zijn daarom gewenst. Een sterkere informatierechtspositie van burgers ten opzichte van de overheid en van bedrijven is dringend nodig.
     
  4. Gebrekkige openbaarheid
    Als een burger of journalist een verzoek doet om overheidsinformatie, duurt het gemiddeld bijna een halfjaar voordat deze informatie daadwerkelijk wordt verstrekt. Terwijl het in de meeste gevallen om overzichtelijke verzoeken gaat. Het overschrijden van termijnen is voor burgers vaak funest, maar bij de overheid - in de context van de Wet open overheid - eerder regel dan uitzondering. Het niet tijdig beschikbaar stellen van overheidsinformatie ondermijnt de transparantie en het toezicht op het overheidshandelen dat van essentieel belang is voor een goed functionerende democratie. Het is wenselijk dat actieve openbaarmaking vanuit een maatschappelijk perspectief wordt benaderd.
     
  5. Overleg met de buitenwereld verloopt moeizaam
    Ondanks het feit dat nationale en lokale overheden in hun coalitieakkoorden en beleidsprogramma’s al jaren vrome voornemens formuleren over burgerparticipatie en ‘samenwerking in beleid’, komt dat maar beperkt van de grond. De interne wereld van een gemiddelde overheidsorganisatie is immers groot, en de behoefte aan interne afstemming lijkt het in de dagelijkse praktijk te winnen van de dialoog met burgers en maatschappelijke organisaties. De informatierelatie ontstaat al tijdens probleemverkenningen en beleidsvorming; juist in die fase kan er veel meer relevante informatie gedeeld worden.
     
  6. Leren lukt maar mondjesmaat
    In meer dan de helft van alle parlementaire onderzoeken van de laatste dertig jaar wordt gewezen op gebreken in de informatievoorziening. Ook zijn er allerlei rapporten uitgebracht over ‘Leren van parlementair onderzoek’. Toch lukt het niet om deze lessen in de praktijk te brengen, waardoor overheden telkens opnieuw in dezelfde valkuilen trappen. De overheid lijkt geen zicht te hebben op de informatiebehoeften van burgers, journalisten en organisaties.
     
  7. Vertrouwenscrisis
    Er is veel onderling wantrouwen, mede ontstaan door digitalisering. Burgers en bedrijven vertrouwen de overheid niet, Kamerleden en ambtenaren vertrouwen elkaar niet, en de overheid heeft te weinig vertrouwen in burgers, journalisten en bedrijven. Alle betrokken partijen hebben hierin een rol te nemen, waarbij de overheid een bijzondere verantwoordelijkheid heeft.

7 oplossingen
 

  1. De burger is eigenaar van zijn eigen informatie
    We willen een portaal voor burgers waar zij kunnen zien welke data overheden over hen hebben, hoe zij deze gebruiken, met wie zij deze delen en met welk doel. Realisatie: 2027. Daarnaast wordt binnen 5 jaar een uitvraag onder burgers gedaan waarin zij zich kunnen uitspreken over het delen van informatie.
     
  2. Toegankelijkheid verbeteren
    Publieke informatie is toegankelijk voor alle burgers, onafhankelijk van hun (digitale) vaardigheden. Een goed informatiesysteem zorgt ervoor dat burgers en organisaties optimaal van informatie zijn voorzien, zodat ze kunnen handelen op basis van lokaal of nationaal beleid. Beleid over informatiehuishouding moet flexibel genoeg zijn om recht te doen aan specifieke persoonlijke omstandigheden van burgers. Dat betekent dus dat burgers altijd een mogelijkheid hebben om op niet-digitale en een voor hen toegankelijke manier zaken te doen met de overheid.
     
  3. Gelijkwaardige informatiepositie burgers
    Burgers moeten als slachtoffer van overheidshandelen of procespartij toegang krijgen tot dezelfde overheidsinformatie als de overheid zelf. Deze overheidsinformatie is immers met publiek geld gefinancierd en behoort in beginsel ook voor het publiek toegankelijk te zijn. Daarbij gelden uiteraard uitzonderingen, zoals de AVG, gegevens over een strafrechtelijk onderzoek of de veiligheid van de staat.
     
  4. Verbeteren actieve en passieve openbaarheid
    De overheid deelt actief informatie met burgers, zoals bepaald in art. 3.1 van de Woo. Vanaf 2024 worden veelgevraagde documenten – zoals nota’s, notities, memo’s, verslagen – binnen 8 weken actief openbaar gemaakt. De overheid houdt zich aan wetgeving op het vlak van informatie, zodat informatieverzoeken tijdig en juist behandeld worden. Binnen een jaar moeten de doorlooptijden van Woo-verzoeken sterk verkort zijn: 75 procent van de verzoeken wordt dan binnen 42 dagen afgehandeld. Woo-verzoeken worden ontsloten via de FAIR-principes (findable, accessible, interoperable, reusable).
     
  5. Dialoog over informatiebehoeften en onderzoek
    De overheid betrekt burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven bij het maken van beleid op het gebied van informatie. We gaan met belangenorganisaties van burgers in gesprek om hun behoeften te achterhalen over het verstrekken, inzien en vernietigen van informatie. We vormen een platform voor ontwerpend onderzoek en advies op het gebied van de informatierelatie tussen overheid en samenleving. Daarbij verkennen we de waarde van informatieprotocollen en de bruikbaarheid van natuurlijke en sociale principes bij de verbetering van de informatiehuishouding.
     
  6. Bewustzijn, opleiding, cultuur - verandering en experimenten
    We creëren bewustzijn onder burgers, ambtenaren en bestuurders over de waarde van informatie. We jagen aan dat er lesmateriaal wordt ontwikkeld voor ambtenaren, bestuurders en burgers over het belang van het werken met open, toegankelijke, eenvoudige en duidelijke informatie. Ook stimuleren we opleidingen en een cultuurverandering waarbij het uitgangspunt is dat ambtenaren primair handelen vanuit het belang van de samenleving. Zo wordt de ‘nieuwe bestuurscultuur’ ook van onderaf gevoed. Ook moedigen we het uitvoeren van experimenten aan - bijvoorbeeld rond actuele dossiers als de stikstofplannen - met overheid, marktpartijen en burgers om tot eenvoudige digitale dienstverlening te komen.
     
  7. De ambtelijke eed wordt aangepast
    De ambtseed is aan modernisering toe. In de oude ambtseed staan op het gebied van informatie vooral beloften over geheimhouding. In aanvulling daarop pleiten we voor het opnemen van beloften over transparantie en het waar mogelijk ruimhartig delen van informatie. Ook vinden we het belangrijk dat in de ambtseed de eigen verantwoordelijkheid van de ambtenaar tot uitdrukking komt. Een ambtenaar functioneert primair ten dienste van de samenleving, waakt tegen institutionele vooringenomenheid, werkt aan rechtvaardige oplossingen en hanteert de beginselen van behoorlijk bestuur. Dat behoort ook tot uitdrukking te komen in de nieuwe ambtseed.

Oproep

Onze leden onderschrijven dit manifest en werken in overeenstemming met de uitgangspunten en doelen van de coalitie. Wij roepen overheden op de komende jaren met ons samen te werken om minimaal de helft van de voorgestelde acties nog in deze kabinetsperiode (2025) te realiseren en de andere helft ten minste in gang te zetten.

Over de maatschappelijke coalitie

De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken streeft naar een gelijkwaardige informatierelatie tussen burgers en overheid. Een relatie waarin burgers mede-eigenaar zijn van informatie en zodoende bijdragen aan een sterke democratie. De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken bestaat uit maatschappelijke organisaties, bedrijven, kennisinstellingen en overheidsorganisaties. We willen ons voluit inzetten voor een (digitale) samenleving waarin de burger centraal staat. Dat doen we door te signaleren, agenderen en aan te jagen en door mensen - en dus kennis - bij elkaar te brengen en het debat op gang te brengen en te houden.

We sluiten ook aan bij de ontwikkelingen in de Europese Unie, en bouwen daarop voort. Ook in Europa zijn er initiatieven om de menselijke maat en de publieke waarde centraal te zetten. Wij zien dit als een gedeelde verantwoordelijkheid en willen op deze manier bijdragen aan het herstellen van het vertrouwen. Dit is het vertrekpunt van gedreven, betrokken mensen met een hart voor de maatschappij.

Eind 2023 maken we opnieuw de balans op en waar relevant zullen wij dit manifest aanpassen aan vernieuwde inzichten. De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken werkt samen met andere coalities en allianties om haar doelen te bereiken. We haken waar mogelijk aan bij andere partijen om elkaar te versterken. We nodigen vertegenwoordigers van maatschappelijke, wetenschappelijke of overheidsorganisaties en van profit of non-profitorganisaties uit om aan te sluiten en ook een actieve bijdrage te leveren.

De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken

  • vormt het collectieve geheugen van maatschappelijke organisaties, bedrijven en burgers voor een overheid die deels gestuurd wordt door hypes, ambities blijft stapelen en waarin de doorstroming onder politici en ambtenaren groot is;
  • is een luis in de pels van een verkokerde overheid die een eigen interne dynamiek kent en niet altijd voldoende in staat is zichzelf te corrigeren;
  • biedt een realiteitscheck op de plannen van de systeemwereld en de wijze waarop deze plannen uitpakken in de leefwereld van burgers;
  • reikt jaarlijks de Transparantieprijs uit waarbij aantoonbaar goede initiatieven worden beloond voor hun bijdrage aan de betere informatierelatie tussen overheid en burger.